1. Aangenomen dat het hier normale, eventueel Boessenkoolse morfologie betreft.
 
2. De oplettende lezer kan in (3) nog meer generalisaties vinden, maar die lijken ons minder relevant.
 
3. Mark Hofmans weet er nog meer: onstuimig, onverschillig, onwennig, onzijdig, onbekookt, onbesuisd, onvergetelijk, onafscheidelijk, onbedaarlijk, onmetelijk, onnoemelijk, onomstotelijk, onophoudelijk, onverbiddelijk, onverbeterlijk, ontegenzeggelijk, onvergelijkelijk (Hofmans 1975).
 
4. Frappant is dat Trommelen onnozel etc. niet noemt in haar lijstje uitzonderingen. Klaarblijkelijk nam zij, net als wij, voetstoots aan dat deze vormen geleed zijn.
 
5. Hoewel wij wel eens iemand hebben horen volhouden dat paraat net als parachute en parameter is afgeleid met para- (Cf. Boessenkool 1991).
 
6. Merkwaardig is dan ook dat de eerste auteur van dit stukje op het idee kwam dat U nu gaat vernemen. Zou Morphological Conversion toch ook morfologische bekering betekenen?
 
7. Huybregts noemt ook andere talen voor zijn observatie t.a.v. kwantificationele expressies.
 
8. Maar mogelijk dat (7a) helemaal niets laat zien m.b.t. het al dan niet bestaan van morfologische negatieve polariteit. Immers, van ont- kunnen we laten zien dat het ook aan 'niet-bestaande' stammen kan hechten zonder dat negatieve polariteit een rol kan spelen: *ginnen - ont-ginnen, *ginnen - be-ginnen. *ginnen kan worden 'gered' door ont-, maar ook door het niet-'negatieve' be-. Hetzelfde geldt m.m. voor *wrichten - ont-wrichten en *wricht - ge-wricht.
 
9. Het is zeer de vraag of dit de juiste analyse is van wanstaltig. Er is heel goed een analyse denkbaar en beargumenteerbaar, waarin wan- hecht aan gestalte en het suffix -ig aan wangestalte resulterend in wanstaltig: [[ wan [ ge-stal-te]] ig ]. In die analyse is er geen argument voor negatieve polariteit, omdat gestalte evengoed bestaat als wangestalte.
 
10. Dit is overigens een schitterend feit. Men zou, Don (1990) volgend, aan kunnen nemen dat wanstaltig onderliggend een ge- prefix bevat. Het feit dat uit wangestalte niet ge- gedeleerd wordt (> *wanstalte) maar uit *wan-gestalte-ig wel (> wanstaltig), volgt uit Don's toepassing op nominale contexten van Schultink's (1973) ge-deletie-regel. Ge- kan alleen gedeleerd worden indien voorafgegaan door een niet-beklemtoond prefix. Alleen door achtervoeging van -ig, waardoor de klemtoon op stal komt te liggen, wordt aan deze conditie voldaan.
 
11. Dit is trouwens niet waar, maar dat doet er nu niet toe.
 
12. Eng.: negative polar bears.
 
13. De vraag rijst nu natuurlijk, hoe negatieve polariteit veroorzaakt wordt. Wij willen deze vraag graag verder laten rijzen en voor nader onderzoek reserveren.
 
14. Een verwant maar volstrekt ander geval is onknap: deze vorm is afgeleid middels een negatief prefix, en het resultaat daarvan is een syntactisch negatief polaire uitdrukking die weer een negatie behoeft: Brigitte is *(niet) onknap.
 
15. Overigens zijn wij van mening dat een dergelijk Trommeliaans argument weliswaar goed in onze kraam te pas komt, maar niet onontbeerlijk is. Alles en iedereen zal het met ons eens zijn dat de Engelse adjectieven met un- er 'geleed uitzien'; evenzo zal nooit, nergens en niemand het betwisten dat deze woorden er ongeleed uitzien. Zie ook voetnoot 4.
 
16. Een andere vraag is of morfologische negatie een syntactisch polair item kan licensen. Het antwoord (nee) hangt samen met onafhankelijke kwesties van bereik, bespreking waarvan hier te ver zou voeren.